Wat zijn Obligaties en de Obligatiemarkt?

Hoe werken Obligaties?

Een obligatie, ook wel bekend als “Bond”, is een lening die door een overheid, bedrijf, organisatie of instelling wordt uitgegeven. Een obligatie is een financieel instrument dat ook wel bekend staat als schuldeninstrument. De uitgevende entiteit van de obligatie gaat een lening aan bij de belegger, oftewel geldschieter, die de obligatie heeft gekocht.

De bekendste en meest uitgegeven obligaties zijn “Overheidsobligaties” en “Bedrijfsobligaties”. Obligaties worden uitgegeven door instanties om geld op te halen voor investeringen. Over het geleende geld wordt gedurende een vaste looptijd een rente betaald. Bij het aflopen van de looptijd wordt het bedrag uitgekeerd, mits de instantie niet failliet is gegaan. De belangrijkste factoren die de waarde van obligaties doet bewegen is de kredietwaardigheid van de uitgever en de veranderende marktcondities.


Wat is het doel van obligaties

Het doel van obligaties hangt samen met de beleggingsmogelijkheden en voordelen die obligaties kunnen bieden. Een obligatie is een financieel instrument die uitgevende entiteiten de mogelijkheid bieden om kapitaal op te halen en beleggers daarmee investeringsmogelijkheden te bieden. Obligaties spelen een belangrijke rol in de financiële wereld. Hieronder worden enkele belangrijke doelen en mogelijkheden uitgelegd die obligaties mogelijk maken:

  • Kapitaal aanwerven: Het hoofddoel van de uitgevende entiteit van de obligatie, is het ophalen van kapitaal. Het uitgeven van obligaties is één van de mogelijkheden voor een overheid, bedrijf of financiële instelling. Door de uitgifte van obligaties hebben ze de mogelijkheid om geld te lenen van beleggers, die hieraan geld willen verdienen als tegenprestatie voor het verschaffen van de lening. Het geleende kapitaal wordt gebruikt voor verschillende doeleinde, zoals investeringen, uitbreiding, herfinancieren van schulden of financiering van bedrijfsactiviteiten.
  • Rentebetalingen genereren: Eén van de doelen die beleggers kunnen hebben met het investeren in obligaties is inkomsten genereren door rentebetalingen. Afhankelijk van het type obligatie wordt er vaak periodiek rente uitgekeerd aan de obligatiehouder, ook wel coupons genoemd. Coupons kunnen dienen als een stabiele inkomstenbron met de bijbehorende risico afhankelijk van het type obligatie.
  • Diversificatie en risicobeheer: Nog een doel waarvoor obligaties interessant kunnen zijn is de mogelijkheid tot diversificatie en risicobeheer van een beleggingsportefeuille. Obligaties maken het mogelijk om risico’s te spreiden door naast andere activa dit type financiële instrumenten toe te voegen aan de beleggingsportefeuille. Obligaties worden over het algemeen gezien als een stabiele manier van beleggen waar, afhankelijk van het type obligatie, minder risico aan verbonden is dan bij aandelen of opties.
  • Kapitaalbehoud en terugbetaling: Kredietwaardigheid speelt een belangrijke rol bij de relatief veilige manier van beleggen in obligaties. Vaak worden kredietwaardige uitgevende entiteiten gezien als relatief veilig, vaak zijn dit overheidsobligaties van stabiele landen. Overheidsobligaties worden nu gebruikt als voorbeeld, uiteraard zijn er ook andere relatief veilige uitgevende entiteiten van obligaties. Het biedt beleggers vaak een stuk zekerheid op terugbetaling van het geleende kapitaal aan het einde van de looptijd. Zeker voor beleggers die inzetten op kapitaalbehoud kunnen dit soort obligaties aantrekkelijk zijn.


Welke verschillende soorten obligaties zijn er

Er zijn verschillende soorten obligaties waarvan iedere soort zijn eigen specifieke eigenschappen heeft. Hieronder worden enkele van de meest voorkomende obligaties uitgelegd:

  • Staatsobligaties: Staatsobligaties worden uitgegeven door een regering, met als hoofdreden kapitaal op te halen voor overheidsuitgaven. Dit type obligatie wordt vaak beschouwd als een relatief veilige manier van beleggen, de reden hiervoor is de ondersteuning van een overheid. Uiteraard is deze veiligheid relatief en ook afhankelijk van het land dat de staatsobligatie uitgeeft. De meest verhandelde staatsobligaties worden uitgegeven door grote economieën.

  • Amerikaanse schatkistobligaties (Treasuries): Amerikaanse schatkistobligaties, ook wel bekend als “Treasuries”, vallen ook onder de staatobligaties. We hebben de treasuries apart vermeld, omdat ze beschouwd worden als een van de veiligste belegging ter wereld. Daarnaast dienen deze schatkistobligaties vaak als referentiepunt voor andere obligaties. Deze obligaties zijn een van de meest verhandelde obligaties ter wereld en hebben een dominante rol op de kapitaalmarkt en obligatiemarkt.

  • Bedrijfsobligaties: Dit zijn obligaties die worden uitgegeven door bedrijven met als doel kapitaal op te halen. Bedrijven die bedrijfsobligaties uitgeven en hiermee kapitaal aantrekken kunnen dit kapitaal gebruiken voor verschillende doeleinden, zoals het herfinancieren van schulden of investeren in groei en bedrijfsactiviteiten. Een belangrijk onderdeel van bedrijfsobligaties is het verschil in kredietwaardigheid, dit is afhankelijk van het bedrijf dat de obligatie uitgeeft. Kredietwaardigheid zegt iets over de financiële gezondheid van het bedrijf, een goede kredietwaardigheid geeft aan dat het bedrijf gezonder lijkt dan een bedrijf met een lage kredietwaardigheid. De meest verhandelde bedrijfsobligaties worden vaak uitgegeven door grote ondernemingen met een goede kredietwaardigheid.

  • Obligaties van opkomende markten: nog een relatief veel verhandelde obligatie is die van opkomende markten. Opkomende landen willen vaak investeren in groei en ontwikkeling en een van de mogelijkheden voor het ophalen van kapitaal is het uitgeven van obligaties. Voor beleggers kunnen dit interessante obligaties zijn door de potentieel hoge rendementen, echter hebben deze obligaties ook de eigenschap dat ze meer risico met zich mee kunnen brengen.

  • Hoogrentende obligaties (High-yield): Dit type obligatie staat ook wel bekend als “Junk Bonds”. Deze obligaties worden uitgegeven door bedrijven die beoordeeld zijn op een lage kredietwaardigheid. Deze obligaties zijn een klassiek voorbeeld van mogelijk hoge rendementen waar hoge risico’s aan verbonden zijn.

  • Gemeentelijke obligaties: Dit type obligaties worden uitgegeven door lokale overheden. Onder lokale overheden vallen provincies en gemeenten. De reden van uitgifte door deze instanties is vaak kapitaal ophalen om te investeren in projecten, zoals infrastructuur en andere publieke projecten of voorzieningen.

  • Agentschap obligaties: Dit type obligatie, ook wel bekend als “staatsagentschap obligatie”, wordt uitgegeven door aan overheid verbonden organisaties of instellingen. Onder overheid gerelateerde organisaties of instellingen vallen bijvoorbeeld hypotheekbanken, ontwikkelingsbanken of semioverheidsinstellingen. Agentschap obligaties worden dus niet direct uitgegeven vanuit de centrale overheid, maar door de agentschappen die hier aan verbonden zijn. Vaak worden deze obligaties als relatief veilig beschouwd, dit komt door de verbinding met de overheid. Uiteraard is een stabiele en financieel gezonde overheid de basis voor de relatieve veiligheid van de obligaties.

  • Obligaties van internationale organisaties: Dit type obligaties worden uitgegeven door grote internationale organisaties, zoals internationale financiële instellingen en ontwikkelingsbanken. Een belangrijke eigenschap van deze obligaties is vaak de hoge kredietwaardigheid van de uitgevende organisaties, met als gevolg een mogelijk relatief veilige belegging. De reden voor uitgifte van obligaties door internationale organisaties is vaak het ophalen van kapitaal, dit om verschillende projecten en activiteiten de financieren. Hieronder staan enkele bekende internationale organisaties benoemd die geregeld obligaties uitgeven:
    - Wereldbank (World Bank)
    - Internationaal Monetair Fonds (International Monetary Fund - IMF)
    - Europese Investeringsbank (European Investment Bank - EIB)
    - Aziatische Ontwikkelingsbank (Asian Development Bank - ADB)
    - Inter-Amerikaanse Ontwikkelingsbank (Inter-American Development Bank - IDB)
    - Afrikaanse Ontwikkelingsbank (African Development Bank - AfDB)
    - Europese Bank voor Wederopbouw en Ontwikkeling (European Bank for Reconstruction and Development - EBRD)

  • Converteerbare obligaties (Convertible bonds): Dit type obligaties hebben de mogelijkheid om te worden omgezet in aandelen van het bedrijf dat de obligaties uitgeeft. Bij het aangaan van de obligatie staan de voorwaarden beschreven, zoals op welke manier en wanneer de obligatie zal worden omgezet naar aandelen. Het is een type obligatie die een combinatie maakt tussen een schuldeninstrument en aandelen. Dit type obligaties kunnen vooral interessant zijn voor beleggers die een balans zoeken tussen de veiligheid van een obligatie, maar toch willen profiteren van het mogelijk groeipotentieel van een aandeel.

  • Obligaties met nul-coupon: Bij dit type obligaties wordt er geen gebruik gemaakt van periodieke rentebetalingen oftewel “Coupons”. In plaats daarvan worden deze obligaties vaak uitgegeven en aangeboden voor een lagere prijs dan de oorspronkelijke waarde (nominale waarde) zou moeten zijn. Aan het einde van de looptijd wordt het rendement uitgekeerd, dit is het verschil tussen de aankoopprijs en de nominale waarde.

  • Inflatie gebonden obligaties: Dit type obligatie, dat ook wel bekend is als “inflatie gerelateerde obligatie”, is een obligatie waarbij zowel de rentebetaling als de hoofdsom gekoppeld zijn aan de inflatie. Dit betekent dat de rente en het eindbedrag dat wordt uitgekeerd aan het einde van de looptijd meebewegen met de inflatie. Het voordeel van deze obligaties is dat ze bescherming bieden tegen inflatierisico en er geen koopkrachtverlies is over het ingelegde bedrag.

  • Groen obligaties (Green bond): Dit type obligatie is specifiek bedoeld voor het ophalen van kapitaal dat geïnvesteerd wordt in projecten die bijdragen aan duurzaamheid en het bevorderen van milieuvriendelijke initiatieven. Deze obligaties worden vaak uitgegeven door overheidsinstanties, bedrijven of financiële instellingen die als doel hebben beleggers aan te trekken die gemotiveerd zijn om milieuvriendelijke investeringen te willen doen. Dit kunnen projecten zijn, zoals hernieuwbare energie, milieuvriendelijke infrastructuur, bevordering van energie efficiënte of andere milieu gerelateerde projecten.
    Green bonds: Deze obligaties staan bekend om de verplichte transparantie die de uitgever kenbaar moet maken. Zo is het verplicht om de opbrengst en vooruitgang van de gefinancierde projecten te rapporteren. Deze transparantie geeft beleggers inzicht in de daadwerkelijke toepassingen van het kapitaal voor milieudoeleinden.
  • Catastrofe obligaties (Cat-bond): Dit type obligatie is een financieel instrument dat een relatief nieuwe mogelijkheid voor verzekeringsmaatschappijen en andere entiteiten biedt qua financiële bescherming. Cat-bonds hebben als hoofddoel bescherming bieden tegen grote verliezen door natuurrampen of catastrofale gebeurtenissen, zoals natuurbranden, overstromingen, aardbevingen, orkanen of andere soortgelijke gebeurtenissen. Beleggers kopen deze obligaties aan en lenen hun kapitaal uit, in ruil voor rentebetalingen. Het grootste risico zit hem erin dat mocht er zich een vooraf gedefinieerde catastrofe voordoen, de belegger zijn investering volledig kan verliezen.

Naast de bovengenoemde obligaties zijn er nog vele andere soorten, variaties en combinaties beschikbaar.

Hoe werkt een obligaties

Het begint bij de uitgevende partij, dit zijn vaak financiële instellingen, overheidsinstanties of bedrijven. Een obligatie vertegenwoordigt een schuldenbewijs waar voorwaarden aan verbonden zijn. Na de uitgifte wordt de obligatie aangeboden op de primaire markt en is het mogelijk voor de 1e eigenaar om de obligatie te kopen. Daarna is het mogelijk om de obligatie te verhandelen op de secundaire markt.

De uitgever betaalt periodiek rente aan de belegger die de obligatie in bezit heeft, deze betalingen staan vastgesteld in de overeenkomst en blijven van kracht tot de looptijd eindigt. Bij het aflopen van de looptijd wordt het geleende bedrag, ook wel “hoofdsom” genoemd, terugbetaald en uitgekeerd aan de belegger. Het ligt er dan aan om welk type obligatie het gaat, maar vaak is het werkmechanisme van obligaties gebaseerd op de uitgifte, rente en de terugbetaling van het geleende kapitaal. Hieronder zijn enkele van de belangrijkste begrippen uitgelegd over de werking van obligaties:

  • Uitgifte: De hoofdreden voor het uitgeven van obligaties is het ophalen van kapitaal, dit wordt vaak gedaan door een overheid, financiële instellingen, internationale organisaties of bedrijven. Het proces dat plaatsvindt bij de uitgifte van een obligatie wordt emissieproces genoemd, hierbij worden de contractuele voorwaarden vastgelegd en eigenlijk het karakter van de obligatie gevormd. Afhankelijk van het type obligatie kunnen de voorwaarden verschillen, zoals de rente (couponrente), de terugbetalingsvoorwaarden en de looptijd. De uitgevende partij is dus de schuldenaar die via de obligatievoorwaarden een belofte aangaat om het kapitaal aan de obligatiehouder uit te keren. Nieuwe obligaties worden voor het eerst uitgegeven via de primaire markt.

  • Primaire markt: De primaire markt is de plek waar bedrijven en overheden nieuwe financiële instrumenten kunnen uitgeven. Beleggers hebben de mogelijkheid om de financiële instrumenten rechtstreeks te kopen van de uitgevende partij. Echter is het kopen op de primaire markt niet voor alle soorten beleggers mogelijk en zijn hier voorwaarden aan verbonden, zoals:
    - Institutionele beleggers: Deze groep beleggers heeft toegang tot de primaire markt, daarnaast hebben ze ook toegang tot het kopen van grote volumes. Onder deze groep behoren partijen zoals banken, pensionfondsen en verzekeringsmaatschappijen.
    - Particuliere beleggers: Voor particulier beleggers is de primaire markt beperkt toegankelijk. De uitgifte van obligaties aan particulier beleggers kan worden gedaan via plaatsing bij geselecteerde institutionele partijen of investeerders.
    - Minimum investeringsbedrag: Het komt voor dat er een minimum wordt gesteld aan het investeringsbedrag voor de aankoop van obligaties. Dit maakt het lastiger voor kleinere beleggers en kan voor beperking in mogelijkheden zorgen.
    - Gereguleerde markten: In bepaalde regio´s en landen kunnen obligaties alleen op gereguleerde effectenbeurzen worden uitgegeven. Dit heeft als gevolg dat de toegang voor beleggers afhangt van de vereisten en wet- en regelgeving die daar gelden.
    - Emissieproces: Het emissieproces bij de uitgifte van obligaties kan complex zijn. Het is mogelijk dat er daarom vereisten worden gesteld zoals betrokkenheid van uitgevende instellingen en een bepaalde financiële tussenpersoon.

    Bij het uitgeven van deze instrumenten op de primaire markt kan het gaan om aandelen of schuldbewijzen, zoals in dit geval obligaties. De mogelijkheid tot aankopen gebeurt vaak via een inschrijving of veiling, potentiële beleggers hebben de mogelijkheid om een inschrijfformulier in te vullen of te bieden op de uitgegeven obligaties. Nadat de uitgifte is voltooid worden de obligaties voor de vastgestelde uitgifteprijs uitgekeerd aan de succesvolle bieder of inschrijvers. Nu ze in bezit zijn van beleggers is het mogelijk om de obligaties te verhandelen op de secundaire markt.

  • Secundaire markt: Na de uitgifte op de primaire markt kunnen de verhandelbare financiële instrumenten, in dit geval obligaties, worden verhandeld op de secundaire markt. De secundaire markt is de plek waar investeerders de instrumenten kunnen verhandelen aan andere partijen. De secundaire markt geeft de mogelijkheid om obligaties te verhandelen voordat de looptijd verstreken is, daarnaast biedt het ook flexibiliteit en liquiditeit. Op de secundaire markt worden naast obligaties ook andere verhandelbare financiële instrumenten verhandeld. Het verhandelen is mogelijk via effectenbeurzen en andere handelsplatformen.

    De prijzen worden net als op vele andere financiële markten in essentie gedreven door vraag en aanbod. Naast vraag en aanbod zijn er andere factoren die invloed hebben op de prijs, zoals de kredietwaardigheid van de uitgevende entiteit, economische omstandigheden, rentetarieven en andere marktcondities.

  • Couponrente: Bij obligaties is er vaak spraken van een couponrente, dit is een rente die betaald wordt door de uitgevende entiteit aan de obligatiehouder als compensatie voor het geleende kapitaal. Hoeveel en op welke manier een couponrente wordt uitbetaald is afhankelijk van het soort obligatie. Couponrente wordt meestal periodiek uitbetaald aan de obligatiehouder, dit gebeurt meestal ieder halfjaar of op jaarlijkse basis. De couponrente is een belangrijk begrip voor beleggers, het draagt bij aan en is onderdeel van het te behalen rendement.

  • Looptijd: Eén van de eigenschappen van obligaties is dat ze gebruikmaken van een vastgestelde looptijd, ook wel vervaldatum genoemd. De looptijd is de periode waarin de obligatie actief is en er mogelijk rentebetalingen plaatsvinden. Bij het aflopen van de looptijd, de vervaldatum dus, wordt door de uitgevende entiteit het geleende kapitaal terug betaald aan de obligatiehouder. De looptijd heeft vaak invloed op de prijsvolatiliteit van de obligatie en het renterisico. Obligaties hebben vaak een looptijd van:
    - Kortlopend: looptijd van minder dan één jaar, vaak verhandeld en onderdeel van de geldmarkt.
    - Middel-langlopend: looptijd tussen de één en tien jaar, vaak verhandeld en onderdeel van de kapitaalmarkt.
    - Langlopend: looptijd van meer dan tien jaar, vaak verhandeld en onderdeel van de kapitaalmarkt.

  • Terugbetaling: De terugbetaling vindt plaats op de vervaldatum die in de overeenkomst van de obligatie is vermeld. Bij de terugbetaling wordt het oorspronkelijk geleende kapitaal, ook wel hoofdsom genoemd, terugbetaald aan de optiehouder. De manier van terugbetaling is afhankelijk van het type obligatie. De terugbetaling kan op verschillende manieren plaatsvinden, zoals met een extra premie, de initiële inleg, met een discount of gecompenseerd voor inflatie.

Belangrijke aspecten bij de handel in obligaties

Naast het begrijpen van doelen die obligaties kunnen hebben en weten hoe ze werken zijn er nog een aantal belangrijke aspecten bij de handel in obligaties. Het begrijpen van de volgende onderstaande onderwerpen kunnen beleggers helpen bij het maken van weloverwogen keuzes:

  • Kredietwaardigheid: Een belangrijk aspect bij obligaties is de kredietwaardigheid van de uitgevende entiteit. Deze factor kan veel zeggen over de financiële gezondheid en het risiconiveau voor het kopen van een obligatie. Er zijn verschillende ratingbureaus die kredietwaardigheid in kaart brengen, zoals Standard & Poor’s, Fitch en Moody’s. Bij een hoge kredietwaardigheid zien we vaak een lager risico, maar ook een mogelijk lager rendement.
  • Kosten en commissies: Het handelen in obligaties neemt verschillende kosten en commissies met zich mee. Deze kosten hebben effect op het mogelijke rendement en dienen meegenomen te worden in het risicomanagement en beleggingsplan. Dit zijn verschillende kosten zoals aankoopcommissie, verkoopcommissie, bewaarloon, spread-kosten, uitgiftepremies en uitstapkosten. Hieronder zijn er enkele uitgelicht:
  • Aankoop- en verkoop commissie: Bij het aan- en verkopen van een obligatie zijn er kosten verbonden, zeker als dit via een tussenpersoon gebeurt. Een tussenpersoon zoals een effectenmakelaar of financieel adviseur brengen kosten in rekening voor de handelingen die uitgevoerd zijn, dit kan in de vorm van een commissie zijn.
  • Bewaarloon: Dit zijn de kosten die gerekend kunnen worden door een tussenpersoon voor het veilig bewaren van uw obligaties. Vaak worden deze kosten periodiek in rekening gebracht, afhankelijk van de afspraken die met de tussenpersoon gemaakt zijn.
  • Uitgiftepremie: Het is mogelijk dat naast de waarde van de uitgegeven obligatie ook nog een premie betaald dient te worden. Hierdoor dient er meer betaald te worden dan de waarde van de obligatie zelf. Deze premie wordt gerekend voor het voorrecht om de obligatie te mogen kopen. Deze premie wordt vaak gerekend als de voorwaarden aantrekkelijk zijn en er veel vraag is naar die betreffende obligatie.
  • Uitstapkosten: Het vroegtijdig uit een obligatie stappen kunnen uitstapkosten met zich meebrengen. De uitstapkosten zijn opgenomen in de obligatieovereenkomst, ze zijn bedoeld om het vroegtijdig uitstappen te ontmoedigen. Onder vroegtijdig uitstappen verstaan we het verkopen of aflossen van de obligatie voordat deze volledig is afgelost. Het vroegtijdig uitstappen door de belegger heeft ook mogelijke gevolgen voor de uitgever van de obligatie. Voor de uitgever kan dit leiden tot een verstoring in de financieringsplannen die zij voor ogen hebben met het geleende kapitaal.
  • marktcondities: Het begrijpen van de specifieke eigenschappen van de verschillende type obligaties en de algemene marktcondities zijn belangrijk. Factoren zoals marktsentiment, rentestanden, liquiditeit en markttrends kunnen allemaal van invloed zijn op de prijsvorming, handelsactiviteit en het mogelijk rendement van obligaties.


Bekendste risico’s van Obligaties

Het gebruik en het verhandelen van obligaties nemen specifieke risico´s met zich mee, zoals renterisico, rentecurve-risico, kredietrisico, liquiditeitsrisico, inflatierisico, valutarisico en Callrisico. Als gebruiker is het aan te raden om goed op de hoogte te zijn van de risico´s, hieronder hebben we er enkele belangrijke risico´s uitgelicht:

  • Renterisico: Bij obligaties is er spraken van renterisico, dit heeft te maken met de mogelijke verandering van rentetarieven. Wanneer de rente stijgt, kunnen bestaande obligaties hier effect van ondervinden. Dit komt doordat de nieuwe obligaties worden aangeboden met hogere rentes, waardoor de bestaande obligaties mogelijk in waarde dalen. Verandering in rente kunnen uiteraard ook positieve gevolgen hebben, echter is het renterisico altijd iets om rekening mee te houden.
  • Rentecurve-risico: Obligaties met een relatief lange looptijd hebben vaak de eigenschap een hoger rentepercentage te hebben dan kortlopende obligaties. Langlopende obligaties zijn vaak gevoeliger voor renteschommelingen dan kortlopende obligaties.
  • Kredietrisico: Kredietrisico staat voor het risico dat mogelijk kan ontstaan als een van de partijen niet kan voldoen aan de betalingsverplichting die afgesproken zijn in de obligatieovereenkomst. Dit kan negatieve gevolgen hebben voor de tegenpartij en is een belangrijk te overwegen onderdeel bij het gebruik van obligaties. Mocht dit in de praktijk voorkomen zijn er enkele gevolgen denkbaar, zoals verlies van betaling, risico van wanbetaling en liquiditeitsproblemen. Obligaties met een hoger kredietrisico hebben vaak de eigenschap dat er ook een hogere rente voor beleggers tegenover staat om het risico te compenseren.
  • Liquiditeitsrisico:
     Bij het gebruik van obligaties is er altijd een liquiditeitsrisico verbonden. Bij liquiditeitsrisico bestaat het gevaar dat het verhandelen van obligaties op de secundaire markt lastig kan. Dit komt vooral voor bij obligaties die weinig worden verhandeld of als er weinig interesse is van kopers. Hierdoor is het mogelijk dat de obligaties mogelijk niet verhandeld kunnen worden voor de prijs die de handelaar in gedachten heeft. In een situatie waarbij de marktcondities veranderen of een partij snel wil verkopen voor de looptijd vervalt, zou dit negatieve gevolgen kunnen hebben.
  • Inflatierisico: De meest voorkomende obligaties hebben vaak een vast rendement. Deze obligaties zijn hierdoor gevoelig voor inflatie, bij stijgende inflatie is het mogelijk dat de koopkracht afneemt. Als de inflatie hoger is dan het rendement van de obligatie kan dit verlies tot gevolg hebben voor de belegger.
  • Valutarisico (voor buitenlandse obligaties): Als beleggers obligaties aankopen die niet dezelfde valuta gebruiken als de belegger zelf, neemt dit een valutarisico met zich mee. De belegger heeft hierdoor te maken met buitenlandse valuta en wisselkoersen kunnen dan van invloed zijn op de waarde van de obligatie en het mogelijke rendement.
  • Call-risico: Bij sommige obligaties is er in de overeenkomst een “Callable” functie opgenomen. Dit wil zeggen dat de uitgever van de obligatie de mogelijkheid heeft om de obligatie vóór de afloopdatum terug te kopen. Wat er dan gebeurt, is dat de uitgever de belegger het geïnvesteerde bedrag plus de opgebouwde rente tot dát moment uitkeert. Hierdoor heeft de belegger mogelijk nadelige gevolgen, zeker bij lage rentetarieven. Beleggers moeten dan hun obligatie mogelijk voor een lagere prijs herinvesteren. Het Callrisico neemt dus een stukje zekerheid bij de belegger weg op het te behalen rendement over de gehele looptijd.


Voor- en nadelen van obligaties

Het gebruik van obligaties brengt net als andere financiële instrumenten voor- en nadelen met zich mee. De voordelen zitten hem vooral in de mogelijkheden en veiligheid die obligaties kunnen bieden, de nadelen vooral in de mogelijke risico’s. Hieronder zijn enkele van de belangrijkste en veelvoorkomende voor- en nadelen op een rijtje gezet:

Voordelen van obligaties:

  • Vaste rente-inkomsten: Eén van de voordelen van de meeste obligaties is het gebruikmaken van een vaste couponrente. Door de vaste couponrente ontvangen beleggers aan de hand van de obligatieovereenkomst regelmatig rente-inkomsten. Voor beleggers die opzoek zijn naar een stabiele inkomstenbron kan dit een voordeel zijn.
  • Kapitaalbehoud: Obligaties staan over het algemeen bekend als de minder risicovolle financiële instrumenten. Dit omdat obligaties vaak gebruikmaken van vastgestelde looptijd en terugbetalingsvoorwaarden. Beleggers hebben hierdoor een stukje relatieve zekerheid dat ze het geleende kapitaal terugkrijgen inclusief rentebetalingen. Uiteraard nemen obligaties altijd risico’s met zich mee.
  • Diversificatie: De mogelijkheid op diversificatie in een beleggingsportefeuille door het gebruik van obligaties is ook een van de voordelen. Obligaties kunnen gebruikt worden om risico’s in de portefeuille te verminderen en meer stabiliteit te brengen.
  • Veiligere beleggingsoptie: Bij obligaties is kredietwaardigheid van de uitgevende entiteit belangrijk. Een voordeel is de mogelijkheid tot het beoordelen van de kredietwaardigheid, hierdoor kan er een stukje veiligheid ingebouwd worden. Obligaties met een goede kredietwaardigheid kunnen een relatief stabiele investering bieden met een laag risico op het verlies van kapitaal.

Nadelen van obligaties:

  • Renterisico: Een nadeel bij het gebruik van obligaties is het renterisico. Obligaties kunnen gevoelig zijn voor renteveranderingen waardoor de prijzen van bestaande obligaties dalen. Dit kan van invloed zijn op beleggers die hun obligaties voor de afloopdatum willen verkopen.
  • Inflatierisico: Obligaties kunnen last hebben van inflatierisico. Bij een stijgende inflatie is het mogelijk dat de koopkracht van de couponrente en het terugbetaalde kapitaal worden beïnvloed. Inflatie kan dus resulteren in een uiteindelijk lager rendement.
  • Kredietrisico: Obligaties die worden uitgegeven door een entiteit met een lege kredietwaardigheid nemen een hoger kredietrisico met zich mee. Het risico bestaat dat de uitgevende entiteit niet de mogelijkheid heeft tot het doen van rentebetalingen en terugbetalen van het geleende kapitaal. Het nadeel zit hem dus in de mogelijkheid dat beleggers hun inleg kunnen verliezen of niet het beoogde rendement behalen.
  • Liquiditeitsrisico: Afhankelijk van het type obligatie, de marktcondities en de populariteit van bepaalde obligaties bestaat er liquiditeitsrisico. Bij een lage liquiditeit kan het lastig zijn om een obligatie te kopen of verkopen voor de gewenste prijs.

Als belegger kan het belangrijk zijn om de voor- en nadelen goed tegenover elkaar af te wegen. Dit helpt bij het maken van een wel overwogen beleggingsbeslissing en de bewustheid van de mogelijkheden en risico’s. Het begrijpen van de verschillende soorten obligaties en hun kenmerken zijn essentieel om potentiële risico’s te beperken en het rendement de maximaliseren.