Wat kost box 3 jou in 2026, 2027 en 2028?

Reken het verschil uit en zie alle drie de jaren in één beeld

Box 3 verandert drie keer in drie jaar. In 2026 gelden de regels die vaststaan. Voor 2027 ligt er een voorstel dat de vrijstelling bijna halveert. En vanaf 2028 moet er een heel nieuw stelsel komen, waarin je over je werkelijke rendement betaalt.

Met de calculator hieronder zie je die drie jaren in één beeld. Vul je spaargeld en je beleggingen in en je ziet direct wat het met jouw rekening doet. Pas de schuifjes aan en je ziet hoe gevoelig de uitkomst is voor wat je zelf verdient.

Rekenen is weten

Elk jaar verandert er iets aan box 3. Daardoor hoor je telkens dezelfde vraag: moet ik nu iets doen met mijn spaargeld of met mijn beleggingen? Dat antwoord begint met weten wat je straks echt betaalt.

Spaargeld
€
Beleggingen
€
Fiscale partner
Je werkelijke rendementVul hier in wat je dit jaar echt verdient. Dit bepaalt je belasting vanaf 2028.
Rente op je spaargeld 2,0%
Rente die je dit jaar ontvangt10%
Dividend op je beleggingen 2,0%
Uitkering die je jaarlijks ontvangt12%
Koerswinst op je beleggingen 5,0%
De waardestijging dit jaar40%
Deel dat je dit jaar verkoopt 0%
Over dit deel reken je je koerswinst af100%

2026

Nu, dit staat vast
€ 0

2027

Voorstel van 29 september
€ 0

2028

Nieuw stelsel, werkelijk rendement
€ 0

Wat je per jaar betaalt

Elk jaar een ander plan?

Bouw één systeem dat tegen een Kamerbrief kan. In het gratis live webinar leg ik stap voor stap uit hoe.

Meld je gratis aan voor het webinar
Deze tool rekent met spaargeld en beleggingen, zonder schulden, vastgoed of crypto. De koerswinst gaat over de waardestijging van dit jaar. In het wetsvoorstel reken je bij verkoop af over de winst sinds aankoop, dus in de praktijk kan dat bedrag hoger liggen. Bedoeld als indicatie, niet als belastingadvies. Cijfers gecontroleerd op 12 oktober 2026.

Albert Einstein rekent aan samengestelde rente en rente-op-rente met een compound interest calculator voor beleggen

Wat je hier berekent

Wat staat er precies vast en wat niet?

Dat onderscheid is het halve verhaal. Een voorstel is iets anders dan een wet. Hieronder zie je per jaar waar we staan op 12 oktober 2026.

Wat geldt er in 2026?

Dit jaar is duidelijk. De Belastingdienst rekent met een aangenomen rendement en niet met wat jij echt verdient. Voor spaargeld geldt 1,28 procent, voor beleggingen en overige bezittingen 6,00 procent.

Over die uitkomst betaal je 36 procent belasting. Je vrijstelling is 59.357 euro per persoon en 118.714 euro met een fiscale partner. Het percentage voor beleggingen staat vast, dat voor spaargeld wordt begin 2027 definitief gemaakt.

Waarom staat 2027 nog niet vast?

Op Prinsjesdag ging de vrijstelling nog licht omhoog, naar 60.098 euro per persoon. Op 29 september draaide het kabinet dat om. In het nieuwe voorstel zakt de vrijstelling naar 30.846 euro per persoon en 61.692 euro met partner. Dat is het niveau van 2020.

Tegelijk zou het rendement op overige bezittingen omhoog gaan van 6,37 naar 7,87 procent. Juist aandelen en ETF’s vallen in die categorie, dus voor beleggers telt dat dubbel aan.

Daarna ging het schuiven. Minister Heinen zei op 5 oktober in de Eerste Kamer dat die 30.846 euro niet de definitieve grens wordt. Een motie om de verlaging helemaal te schrappen haalde op 6 oktober geen meerderheid. Het kabinet laat uiterlijk 2 november weten wat er aan het voorstel verandert.

Het kabinet rekende zelf uit wat het plan betekent: ongeveer 1,2 miljoen mensen gaan voor het eerst box 3 betalen, gemiddeld zo’n 90 euro per jaar. Voor wie belegt kan dat bedrag een veelvoud zijn.

Wat betekent deze uitkomst?

Wat verandert er vanaf 2028?

Dan moet het forfait verdwijnen voor een groot deel van je vermogen. Je betaalt dan over je werkelijke rendement, tegen 36 procent.

Rente en dividend tellen elk jaar mee. Koerswinst op je beleggingen telt pas mee op het moment dat je verkoopt. Dat is het grote verschil met het plan dat er eerst lag, waarin je ook over papierwinst zou afrekenen.

De vrijstelling op je vermogen verdwijnt en er komt een heffingsvrij resultaat voor in de plaats. In het oorspronkelijke wetsvoorstel stond 1.800 euro, het kabinet wil daar 1.000 euro van maken, en de Tweede Kamer vroeg op 6 oktober juist om dat bedrag te verhogen. Ook dit is dus nog niet beslist.

Waarom betaal je in 2028 vaak minder, maar niet altijd?

Speel maar eens met het schuifje in de calculator. Hou je je beleggingen vast, dan blijft je koerswinst dit jaar onbelast en valt je rekening vaak lager uit.

Verkoop je wel, dan reken je in één keer af over de winst. De belasting verdwijnt dus niet, die verschuift naar later. Wie jarenlang doorbelegt, bouwt ondertussen een rekening op die ooit nog komt.

En er zit een keerzijde aan werkelijk rendement. In een jaar met verlies betaal je weinig of niets, maar in een topjaar waarin je verkoopt kan de aanslag juist fors hoger uitvallen dan je onder het oude forfait gewend was.

Wil je niet bij ieder wetsvoorstel je portefeuille overhoop gooien?

Kijk nog eens naar de drie bedragen in de calculator. Ze verschillen, soms flink. Maar bij geen van die drie is het antwoord dat je je hele portefeuille moet omgooien.

Dat is wel precies wat er elk jaar gebeurt. Er verschijnt een Kamerbrief, de koppen vliegen rond, en mensen verkopen in december hun beleggingen of schuiven geld heen en weer op basis van een regel die een week later alweer anders is. Vorige week was 30.846 euro nog het bedrag waar iedereen het over had. Inmiddels weten we dat het wordt aangepast.

Met het Geld Koers Systeem bouw je één systeem dat tegen die ruis kan. Niet door elke belastingregel te voorspellen, maar door vooraf vast te leggen welk geld welke taak heeft.

Je buffer vangt tegenvallers op en staat daarom liquide. Je korte doelen, zeg binnen vijf jaar, horen niet in de markt. En je lange geld mag juist wel schommelen, want dat heeft de tijd om te herstellen. Daarbovenop komen je pensioen, je kosten en je risico.

Ligt dat vast, dan verandert een nieuwe box 3 regel iets aan je rekening, maar niets aan je plan. Je weet dan namelijk al waarom elke euro staat waar hij staat.

Precies die volgorde bouwen we samen op in het gratis live webinar. Bouw een systeem dat je jaren volhoudt.

Meld je gratis aan voor het webinar

Bouw één plan dat blijft staan

De regels veranderen, jouw plan hoeft dat niet. In het gratis live webinar laat ik zien hoe je je geld verdeelt over een buffer, korte doelen en lang geld, zodat een nieuwe Kamerbrief je niets meer doet.

Je kijkt live mee, stelt vragen en loopt daarna met een duidelijke volgorde naar buiten. Deelname kost je niets.

Overzicht masterclass gratis leren beleggen voor iedereen

Veelgestelde vragen over box 3

Is box 3 in 2027 al definitief?

Nee. Er is wel gestemd, maar de nieuwe vrijstelling is onbekend en het verhoogde rendement op beleggingen is nog een voorstel. Het kabinet laat uiterlijk 2 november weten wat er verandert, en daarna moet de Eerste Kamer er nog voor 31 december mee instemmen.

Wordt het heffingsvrij vermogen echt 30.846 euro?

Niet zoals het er lag. De minister zei zelf dat dit niet de definitieve grens wordt. Welk bedrag er wel komt, is nog niet bekend. In de Eerste Kamer werd 50.000 euro per persoon genoemd als redelijk, maar dat is een wens en geen wetgeving.

Waar vul ik mijn werkelijke rendement in?

Met de drie schuifjes in de calculator. Je rente, je dividend en je koerswinst vormen samen je werkelijke rendement. Onder de schuifjes zie je het totaal in euro’s staan. Vanaf 2028 rekent de fiscus over dat bedrag, min het heffingsvrij resultaat, tegen 36 procent.

Hoeveel box 3 betaal ik over 100.000 euro?

Dat hangt af van de verdeling tussen sparen en beleggen. Staat die ton volledig op een spaarrekening, dan rekent de fiscus met een laag percentage. Zit hij in ETF’s, dan geldt het veel hogere percentage voor overige bezittingen. Vul je eigen verdeling in de calculator in en je ziet het verschil per jaar.

Wat is het verschil tussen heffingsvrij vermogen en heffingsvrij resultaat?

Bij een heffingsvrij vermogen telt een deel van je bezit niet mee in de berekening. Bij een heffingsvrij resultaat is een deel van je opbrengst vrijgesteld. Tot en met 2027 geldt het eerste, vanaf 2028 moet het tweede komen.

Moet ik mijn beleggingen voor 1 januari verkopen?

Dat is zelden het antwoord op een regel die nog niet vaststaat. Je verkoopt dan met zekerheid rendement weg om onzekerheid te vermijden. De peildatum is 1 januari, dus je vermogen op die dag telt, maar laat je keuze niet bepalen door een voorstel dat binnen een week verandert.

Houdt deze calculator rekening met schulden en vastgoed?

Nee. De tool rekent met spaargeld en beleggingen, want dat is de situatie van de meeste mensen. Heb je ook een tweede woning, een hypotheek in box 3 of crypto, dan wijkt je uitkomst af.

Wanneer weet ik definitief waar ik aan toe ben?

Pas als het Belastingplan en de bijbehorende wetswijziging door de Tweede Kamer en de Eerste Kamer zijn. Voor 2027 moet dat voor 31 december 2026 rond zijn. Het advies van de Raad van State over het stelsel voor 2028 wordt eind oktober verwacht.

Laatst bijgewerkt op 12 oktober 2026. Bronnen: de Belastingdienst over de cijfers voor 2026, de Kamerbrief van 29 september over 2027, het verslag van de Eerste Kamer van 5 oktober, de stemmingen in de Tweede Kamer van 6 oktober en het wetsvoorstel Wet werkelijk rendement box 3. Dit is een indicatie en geen belastingadvies.